
PremiumCarla verloor haar man, haar gezondheid en haar baan: 'Ik dacht dat ik overleefde, maar ik brak’
Interview
27 november 2025 · 14:40| Leestijd:8 min
Lees gratis verder
Meld je nu aan en krijg 3 maanden gratis onbeperkt toegang tot alle artikelen en digitale magazines van Visie.
Lees gratis verder
Meld je nu aan en krijg 3 maanden gratis onbeperkt toegang tot alle artikelen en digitale magazines van Visie.
Rouw en verlies liepen de afgelopen tien jaar als een rode draad door het leven van Carla van Weelie (65). Eerst haar vertrek als EO-presentator, daarna de slepende ziekte en dood van haar man en nu long covid. Een openhartig gesprek over hoe het leven onbarmhartig kan zijn.
“Nee, dit wordt geen vrolijk verhaal, zoals ik ze wel lees van andere voormalige EO-collega’s”, waarschuwt Carla van Weelie direct al, in haar huiskamer in Doorn. “Ik ben op dit moment niet iemand die alleen maar van het leven geniet en tot haar 85e vrolijk doorwerkt. Ik sta nu eigenlijk helemaal stil.”
Hoe is het nu met?
Donderslag
Waarom ze dan toch “ja” heeft gezegd? “Omdat ook mijn verhaal er mag zijn. Voor al die mensen die in een vergelijkbare moeilijke fase zitten, heb ik ‘ja’ gezegd tegen dit gesprek.”
Carla werkte van 2003 tot 2015 als presentator bij de EO en werd daar bekend met programma’s als Na de diagnose en Schatjes. Maar vooral met Nederland Helpt, waarvoor ze veel reisde en talloze hulpverleningsprojecten van EO Metterdaad bezocht. Haar vertrek bij de omroep in 2015 kwam voor haar als een donderslag bij heldere hemel.
Je verliet de EO niet vrijwillig?
“Bepaald niet. We hadden net nog plannen gemaakt voor de komende zeven jaar. Het werk voor Metterdaad paste goed bij me en ik kreeg veel positieve reacties. Toen kreeg ik ineens de vraag: ‘Ben jij hier nog wel op je plek, of moeten we iets anders voor je verzinnen?’ Dit had te maken met nieuw beleid waarbij ze Metterdaad wilden laten presenteren door EO-presentatoren die al bekend waren van andere programma’s. Ik viel niet in die categorie.”
De gesprekken over Carla’s toekomst bij de EO liepen op niets uit. Begin 2015 werd in een persbericht haar vertrek bekendgemaakt.
Voelde het verlies van je baan als rouw?
“Dat was zeker rouw. Ik voelde me in de steek gelaten. Die winter herinner ik me als heel donker. Het heeft een paar jaar geduurd voordat ik zonder boosheid kon terugdenken aan een aantal mensen die daarbij betrokken waren. Gelukkig heb ik deze periode kunnen afsluiten.”
Het is niet gemakkelijk om nieuw werk te vinden als je 55 bent.
“Ik kon gelukkig terugvallen op mijn netwerk. Voordat ik bij de EO werkte, was ik trainer. Veel mensen bleken mij te hebben gevolgd en zo kwam ik vrij gemakkelijk aan nieuwe opdrachten. Ik werd zzp’er, mijn man Tjeerd was dat al. We richtten ons samen op het trainen van medewerkers in de terminale zorg: de zorg rond het levenseinde. Het was spannend om allebei zelfstandig te zijn, maar ook heerlijk om samen te werken: we vulden elkaar goed aan.”
Zijn situatie was kritiek
Lang hebben jullie daar niet van kunnen genieten, want in 2019 werd Tjeerd ziek.
“Ik herinner me nog heel goed hoe het begon. Ik kwam thuis en zijn bord stond half leeggegeten op het aanrecht. Dat was niets voor hem. Hij lag op bed met enorme buikpijn. Ik heb hem naar het ziekenhuis gebracht en de dag erna kregen we het slechte nieuws. Uitgezaaide darmkanker. Een tumor bleek een verstopping te veroorzaken en zijn darmen stonden op het punt van knappen. Zijn situatie was kritiek.”
In die spannende dagen bereidden ze zijn begrafenis voor, vertelt Carla. Maar Tjeerd krabbelde op en kon worden geopereerd. Hij zou uiteindelijk nog bijna vier jaar leven. Maar met elke nieuwe chemokuur verzwakte hij verder. In april 2022 was hij uitbehandeld. Zijn levensverwachting: nog drie maanden. Het werd uiteindelijk december.
Hoe hebben jullie je op zijn overlijden voorbereid?
“In september 2022 kreeg hij weer een verstopping. We dachten allemaal: nu gaat hij. Toch knapte hij weer op. Daarna was het eigenlijk elke dag wachten tot hij zou sterven. Dat gebeurde maar niet en dat is slopend voor iedereen.”
Tjeerd bleef dus in leven, maar ging wel steeds meer lijden. Carla vertelt over het vele hoesten, hoe hij alleen nog op handen en voeten de trap op kon en de verschrikkelijke pijn. Totdat het moment aanbrak dat hij zelf de knoop doorhakte. “Hij zag zó op tegen nog verder aftakelen, dat hij in november besloot zijn eigen moment van sterven te kiezen.”
Vond je het moeilijk dat hij zelf die knoop doorhakte?
“Tjeerd was iemand die zijn eigen regie voerde. Hij was tegendraads. Mensen noemen dat heel lief ‘autonoom’, maar hij was gewoon dwars. Hij deelde mij mee: ik kies mijn eigen moment. Wij hadden een relatie waarin we elkaar vrijlieten, dus hij wist dat ik hem niet zou bevragen of tegenspreken. Hij wilde de leiding houden. Ook daarin bleef hij zichzelf tot het einde.”
Sterven kan ook rauw, pijnlijk en oneerlijk zijn
Carla beschrijft de laatste momenten. “De dokter vroeg: ‘Weet je het zeker?’ Tjeerd zei ‘ja’. We dronken nog een kopje koffie. Hij gaf de kinderen en mij een laatste knuffel; daarna kreeg hij de injectie. Tien minuten later was hij er niet meer.”
Met tranen in haar ogen: “Mensen in mijn trainingen zeggen soms: ‘Sterven is zo mooi.’ Maar sterven kan ook rauw, pijnlijk en oneerlijk zijn.”
Je man was dominee, jij werkte voor de EO. Waar was God, te midden van dit alles?
“Ik ben dochter van een dominee, zendingskind, deed belijdenis en ben later volwassen gedoopt in een evangeliegemeente. Na ons trouwen werd Tjeerd predikant. We studeerden samen op elke preek die hij maakte. Dat mis ik heel erg. We hebben 45 jaar samen ons geloof beleefd. Op een gegeven moment hebben we de keuze gemaakt om niet langer over God de Vader, maar over God de Ene te spreken.
Ik ga naar een fijne baptistengemeente, die open en zoekend is, dat past bij mij. Wij staan bekend als kerk waar iedereen welkom is, ook ex-gevangenen en lhbt+-stellen.”
Hoe speelt het geloof een rol in je rouwproces?
“Ik ben er vooral verdrietig over dat Tjeerd tot het laatste moment geen rust vond. Op het eind zei hij wel: ‘Ik ga terug naar de bron.’ Maar hij had dat graag nog twintig jaar uitgesteld.
Ikzelf ben steeds minder stellig geworden in mijn geloof. Volgens mij kunnen onze kleine mensenhersenen niet omvatten hoe groot God is. Beweringen dat God dit of dat zegt, daar kan ik niets mee. We doen allemaal pogingen om die grote Ene te snappen. En we krijgen er geen grip op.”
Onder christenen wordt euthanasie niet breed geaccepteerd. Vind je dat lastig?
“Er zijn christenen die dat zelfdoding vinden ja, een zonde. Ik zie dat niet zo, maar ik zal er zelf nooit voor kiezen. Ik heb aan mijn kinderen gevraagd: kun je mij beloven dat je de laatste weken aan mijn bed zal blijven zitten? Dat hebben ze me vol overtuiging beloofd.”
Waarom is dat zo belangrijk voor je?
“Ik heb ervaren dat Tjeerd geen afscheid kon nemen van het leven. Daardoor heeft hij ook niet echt afscheid kunnen nemen van ons. Mijn kinderen hebben tot het laatste moment gehoopt op dat laatste goede gesprek met hun vader, dat nooit gekomen is.
- Terug in de tijd met Wim de Knijff: ‘Mijn dochter werd gepest omdat ik voor de EO presenteerde’
Terug in de tijd met Wim de Knijff: ‘Mijn dochter werd gepest omdat ik voor de EO presenteerde’
Ikzelf heb het gemist om aan zijn sterfbed te zitten en zelf op dat punt te komen van: ‘Ach lieverd, ga maar, laat het maar los.’ Dat zou me hebben geholpen in mijn verwerking. Bij euthanasie ontneem je je geliefden dat moment van laten gaan.”
Financiële crisis
Veel tijd om na het overlijden van haar man over dit soort zaken na te denken, had Carla niet. Ze vertelt hoe ze direct in een financiële crisis terechtkwam. Zowel haar man als zij had die jaren weinig kunnen werken, door zijn ziek-zijn en door corona. “Ik had zelfs niet genoeg op de rekening staan om de begrafenis te betalen.”
Ik dacht alleen maar: 'blijf van me af'
Ze moest dus direct weer aan het werk: zorgmedewerkers trainen in de omgang met stervende mensen. “Een heftige speling van het lot, toch? Mensen wilden me troosten, namen kaarsjes mee of knuffelden me. En ik dacht alleen maar: blijf van me af, ik moet nog werken. Elke training ging voor mij over hem. Het vrat aan me. Uiteindelijk zag ik onder ogen: ik ben uitgeput, fysiek en emotioneel.”
In het najaar van 2024 kón Carla niet meer. Ze bleek long covid te hebben, in combinatie met fibromyalgie en artrose. Dankzij een pensioenpotje kon ze stoppen met werken en komt ze nu eindelijk toe aan rouwen en weer gezond worden. “Ik was alleen maar aan het overleven.”
Wat je voorspelde, is uitgekomen: dit is geen lichtvoetig gesprek geworden. En toch, is er een sprankje hoop?
“De onlangs overleden biologe Jane Goodall zei: ‘Zonder hoop vervallen we in apathie.’ Dus ja, ik kies voor hoop. Ik sta nu stil, maar wel op een kruispunt, niet op een doodlopende weg. Ik moet mijzelf zonder Tjeerd weer helemaal opnieuw gaan uitvinden. Ik ben van plan 87 te worden. Ik heb acht kleinkinderen, van wie ik enorm geniet. Samen met mijn dochter heb ik een grote moestuin. Ik kan daar uren doorbrengen, met mijn handen in de modder. In de natuur ontmoet ik God, in stilte en schoonheid.
Ik heb mijn geloofsfamilie in de baptistengemeente Silo en ik doe fondsenwervend vrijwilligerswerk bij Red een Kind. Er is veel om dankbaar voor te zijn. Ik zie uit naar het moment dat ik weer zo veel energie overheb, dat ik mij ga vervelen. En ik ben heel benieuwd wat God dan op mijn pad brengt.”









