
Rianne over vroegkinderlijk trauma: ‘In de eerste jaren wordt onze basis gelegd’
Leestijd: 7 min
Lees gratis verder
Meld je nu aan en krijg 3 maanden gratis onbeperkt toegang tot alle artikelen en digitale magazines van Eva.
Lees gratis verder
Meld je nu aan en krijg 3 maanden gratis onbeperkt toegang tot alle artikelen en digitale magazines van Eva.
Rianne van Kuil krijgt al op jonge leeftijd te maken met seksueel misbruik, net buiten het gezin. In de loop van haar leven stapelen de trauma’s zich op – totdat ze hulp zoekt. Vanaf dat moment start haar helingsreis. Nu helpt Rianne als trauma- en helingexpert anderen om te helen. “Ik zie regelmatig dat ouders niet geheeld zijn van hun eigen jeugdtrauma’s. Dit nemen ze mee in hun eigen gezin.”
Rianne, wat is vroegkinderlijk trauma precies?
“Alle trauma’s of (langdurig) onveilige ervaringen die je hebt meegemaakt in je kindertijd. Dit geldt voor trauma’s tot ongeveer zeven jaar. De eerste zeven tot twaalf jaar vanaf het moment van conceptie zijn de belangrijkste jaren uit ons leven; daar wordt onze basis gelegd. Veel onderzoeken wijzen uit hoe belangrijk je tijd in de baarmoeder en net na je geboorte is. Als dat allemaal soepel en veilig gaat, heb je een voorsprong ten opzichte van wanneer dat niet zo is.
Gedachteherinneringen hebben we niet uit deze vroege periode. Maar ons lichaam herinnert zich vanaf het moment dat ons zenuwstelstel in ontwikkeling is emoties, gevoelens en sensaties. Die kunnen zelfs al in de baarmoeder worden opgeslagen. Dat betekent dat de informatie die daar ontstaat – bijvoorbeeld of er veel stresshormonen worden aangemaakt – van invloed is op je lijf. Dat hoeft allemaal niet traumatisch te zijn, maar het heeft wel invloed.”
Hoe ontstaat jeugdtrauma en vroegkinderlijk trauma? Kan het ook iets ogenschijnlijks kleins zijn?
“Ik maak onderscheid tussen impacttrauma en (langdurige) onveiligheid. Impacttrauma gaat over heftige, concrete, traumatische ervaringen. Denk aan een broertje of zusje dat overlijdt, of een auto-ongeluk. Een groter deel van de mensen krijgt in zijn of haar jeugd te maken met een vorm van langdurige onveiligheid. Als je iets naars meemaakt en je ouders reageren hier goed op, kom je er vaak goed weer uit. Ze reageren bijvoorbeeld empathisch, plaatsen de gebeurtenis in perspectief en ze troosten en verzorgen je met liefde. Maar als dat regelmatig ontbreekt, ervaar je als kind langdurige onveiligheid.
Trauma- en helingexpert Rianne van Kuil
Verwaarlozing gaat over wat je niet, te weinig of juist te veel hebt gekregen
Daar komt nog bij dat je te maken kan hebben gehad met ouders die gescheiden zijn of door werk veel afwezig zijn geweest. Misschien heb je in de couveuse gelegen, ben je gepest of heb je een vorm van misbruik of verwaarlozing meegemaakt. Verwaarlozing gaat over wat je niet, te weinig of juist te veel hebt gekregen. Denk aan te weinig empathie en begrip of te veel straf of verantwoordelijkheid. Kortom: langdurige onveiligheid gaat over ervaringen over langere tijd. Een grote groep mensen is (mede) hierdoor onveilig gehecht aan zijn of haar ouders.”
Maar de meeste ouders zijn toch lieve mensen die alleen maar het beste willen voor hun kinderen?
“Begrijp me niet verkeerd: ouders zijn vaak goedbedoelend. Maar regelmatig hebben zij hun eigen pijn of patronen niet in kaart gebracht en zijn ze niet geheeld van eigen jeugdtrauma’s. Dit nemen ze dan – vaak onbewust – weer mee in hun eigen gezin. Wat je bijvoorbeeld vaak ziet is dat deze ouders op een praktische manier goed voor hun kinderen zorgen: er wordt als kind voor je gekookt en je krijgt schone kleren aan naar school.
Maar misschien is een ouder niet in staat om zijn of haar emoties te reguleren. Of misschien tonen ouders geen oprechte interesse; ze vragen niet door of kijken niet naar wie je écht bent. Dan kun je nog tal van leuke uitjes met elkaar beleven, maar die onderlaag bepaalt wat je meeneemt in je latere leven. Vaak nemen we dat onze ouders niet eens zo kwalijk. Maar het is wel kwalijk als je vervolgens geen erkenning krijgt van je ouders. Alleen al door als ouder te zeggen: ‘Sorry, het is nooit mijn intentie geweest om jou te beschadigen, ik vind het heel naar voor je’, kan het herstelproces al goed in gang worden gezet.”
De tekst gaat hieronder verder.

Waarom nietsdoen voelt als iets wat eigenlijk niet mag
Hoe ontdek je of er een trauma bij je ‘in de weg’ zit?
“Je hebt eigenlijk twee categorieën trauma. Mensen die echt getraumatiseerd zijn hebben veel problemen en lijden bijvoorbeeld aan complexe PTSS. Deze mensen lopen vaak zo vast in hun leven, dat het snel duidelijk is dat trauma in de weg zit. Dit is een relatief kleine groep mensen en zij hebben baat bij een gespecialiseerde psycholoog of psychiater.
Als het trauma wat subtieler onder de oppervlakte sluimert, kun je ook tegen bepaalde zaken aanlopen. Denk aan bindingsangst, verlatingsangst, onzekerheid of veel pleasen. Hét kenmerk van bijna iedereen met langdurige onveiligheid in zijn of haar jeugd, is continu aanstaan. Dat komt mede door onze huidige, snelle maatschappij. Maar het is ook het teken dat het sympathisch zenuwstelstel – dat zorgt dat je in beweging komt – te veel aanstaat. Je zoekt dan continu naar prikkels, ervaringen en intensiteit. Voor mensen die zich ergens in dat hele brede spectrum van trauma begeven, ben ik een nieuwe onlinetraining gestart.”
Waarom ben je deze online training, ‘Hoe heel ik van vroegkinderlijk trauma en jeugdtrauma?’, gestart? En kun je een trauma wel met een training helen?
“Ik kon weinig tot geen eenvoudige, hands-on trainingen vinden over vroegkinderlijk trauma of jeugdtrauma. Terwijl ontzettend veel mensen ermee te maken hebben. Ik wilde het heel praktisch insteken: hoe kun je hier zelf mee aan de slag? De training bestaat naast informatie over hechting, basisbehoeften, gezonde grenzen, verwaarlozing en misbruik uit veel oefeningen, tips en tools waar je zelf mee aan de slag kunt.
‘Hét kenmerk van langdurige onveiligheid in je jeugd is continu aanstaan’
Om te helen van je trauma’s heb je in ieder geval één veilig ander persoon nodig. Dit kan je partner zijn, een goede coach, therapeut of psychiater. In mijn training kun je bijvoorbeeld één keer in de zes weken deelnemen aan een live Q&A, waarin je mij alles kunt vragen. Daarnaast is het zo dat als je aan de slag gaat, je de regie terugpakt. Ik geef je de handvatten om dit te doen. In de training staat veiligheid centraal. Dus ik geef veel tips om met anderen te praten of je tempo te verlagen als dit nodig is. De GGZ-wachtlijsten zijn erg lang, dus soms is het helpend om zelf al een training te volgen.”
Wat heb je er van jezelf ingestopt en wat vanuit de wetenschap?
“Ik heb veel aan de onderzoeken van psychiater Bessel van der Kolk gehad. Soms gebruik ik voorbeelden uit mijn eigen leven, omdat het helpt als je weet dat je er niet alleen voor staat. De rest is allemaal toegepast wetenschappelijk onderzoek. De opdrachten en tips komen uiteraard van mij.”
Wat hoop je te bereiken met jouw training?
“Dat iedereen zijn of haar persoonlijke ‘reisdoel’ behaalt. Ik hoop mensen op weg te helpen naar hun einddoel en ze een goede basis mee te geven. Dat betekent geen slachtoffer meer zijn van je eigen trauma’s, maar vanuit kracht je huidige leven leven. Als je als moeder patronen kunt doorbreken door zelf aan de slag te gaan met ongeheelde trauma’s en je hierdoor een betere moeder kunt zijn, is dat natuurlijk fantastisch voor jezelf én je kinderen.”
Tekst: Karin Broeren
Beeld: Ruben Timman

Tineke werd als kind seksueel misbruikt: ‘Ik was zó dol op deze man, dat ik het misbruik op de koop toenam’


