
Apotheker Veronique belandde in een burn-out: ‘Ik ben bespuugd en bedreigd door patiënten’
Persoonlijk verhaal
Leestijd: 12 min
Altijd doorgaan, hard werken en zorgen voor anderen: het typeert hoe Veronique la Fontaine (53) haar leven als apotheker jarenlang vormgaf. Door een opeenstapeling van werkdruk en verantwoordelijkheden raakte ze volledig overbelast, met een burn-out en later een depressie tot gevolg.
Veronique kwam al op jonge leeftijd in aanraking met de apothekersbrache. Haar moeder was chronisch ziek, waardoor ze als kind regelmatig medicijnen voor haar moest ophalen. Ze herinnert zich dat nog goed: “Dan liep ik de apotheek binnen en rook ik die geur. Dat vond ik altijd heel prettig. Ik had daar meteen een positieve associatie mee”, vertelt Veronique.
“Na een eerdere opleiding die niet goed voelde, koos ik bewust voor de studie farmacie in Utrecht. Tijdens de studie werd me al snel duidelijk dat ik in de apotheek wilde werken en het fijn vond om mensen te helpen.” Na haar afstuderen keerde Veronique terug naar Limburg, waar ze haar carrière als apotheker verder voortzette.
Tussen zorghart en harde werkelijkheid
Veronique haalde jarenlang veel plezier en voldoening uit haar werk als apotheker, maar zag het vak langzaam veranderen. Waar eerst nog ruimte was voor aandacht en verdieping, werd ze steeds meer opgeslokt door de groeiende druk in de apotheek. “Voor de coronaperiode had ik als apotheker meer tijd voor patiënten. Soms ging ik op huisbezoek om het medicatiegebruik te beoordelen, oude of niet-meer-nodige medicatie op te halen of extra uitleg te geven, zoals een inhalatie-instructie. Dat gaf me voldoening en energie. Op een gegeven moment was daar nauwelijks nog tijd voor.”
Tijdens de coronaperiode ben ik eens bespuugd door een patiënt
Tegelijkertijd ontstond er een tekort aan apothekers en apothekersassistenten, terwijl de zorgvraag door de vergrijzing en het toenemende medicijngebruik bleef stijgen. “Dat zorgde voor veel extra werk. Toen ik als apotheker begon, had je vierentwintig uur de tijd om afgeleverde medicatie te controleren. Sinds enkele jaren moet dat al op de dag van aflevering gebeuren. Ga je bijvoorbeeld naar een congres of nascholing, dan moet je daarna alles nog diezelfde dag nakijken, terwijl dat vroeger de volgende ochtend nog kon. Dat vergrootte de druk en de verantwoordelijkheid enorm.”
Niet leverbaar
Ook medicijntekorten en het ingevoerde ‘preferentiebeleid’, waarbij zorgverzekeraars bepalen welk merk medicatie wordt vergoed, maakten het werk ingewikkelder. Patiënten kregen niet altijd hun vertrouwde medicatie en sommige middelen waren simpelweg niet leverbaar. “Het was voor patiënten niet zichtbaar, maar achter de schermen probeerden we problemen vaak al op te lossen voordat de patiënt aan de balie kwam, zodat die er zo min mogelijk van merkte. Het voelde alsof je tussen twee werelden in stond: je zorghart dat wilde helpen en een systeem dat andere eisen stelde.”
Veronique merkte dat de agressie aan de balie hierdoor toenam. “Tijdens de coronaperiode ben ik eens bespuugd door een patiënt. Ook ben ik meerdere keren bedreigd omdat het juiste medicijn niet leverbaar was. Soms kreeg ik te horen dat als iemand gezondheidsproblemen zou krijgen door een tekort aan medicatie, ik daarvoor verantwoordelijk zou zijn. Hoewel ik rationeel wist dat dat niet zo werkte, bleef de angst om de schuld te krijgen in mijn hoofd hangen.”
De tekst gaat hieronder verder.

Kom je maar niet toe aan je 'echte' werk? Dit boek helpt je slimmer prioriteren
Verstrikt in de werkdruk
De werkdruk werd nog groter toen binnen korte tijd meerdere collega’s uit de openbare apotheek waar Veronique werkte vertrokken. “Uiteindelijk bleef ik als enige apotheker over, waardoor ik met een enorme hoeveelheid werk kwam te zitten.” De personeelstekorten waren volgens haar niet los te zien van de omstandigheden in de sector. “In het begin van mijn carrière bestond er voor apothekers nog geen cao, er waren alleen richtlijnen. Inmiddels is er wel een cao voor apothekers in loondienst, maar het salarisverschil tussen ziekenhuisapotheken en openbare apotheken is nog steeds groot. Daardoor is het voor veel apothekers aantrekkelijker om in het ziekenhuis te werken, waar ook meer ruimte is voor specialisatie.”
De gevolgen merkte ze dagelijks. Na lange werkdagen ging thuis de laptop opnieuw open. “Soms had ik al overgewerkt en een broodje op het werk gegeten. Daarna ging ik thuis door tot elf uur ’s avonds. Mijn hoofd zat voortdurend vol met alles wat ik nog moest doen.” Langzaam verloor ze zichzelf uit het oog. “Ik was in de overlevingsstand beland. Mijn lichaam draaide overuren en ik schakelde mijn gevoel onbewust uit.”
Mijn hoofd zat voortdurend vol met alles wat ik nog moest doen
Veronique at ongezond, bewoog nauwelijks en trok zich steeds verder terug. “De enige beweging die ik nog had, was het wandelen met mijn honden. Ook had ik nauwelijks contact met anderen, want daar had ik geen tijd meer voor.” Toch bleef ze zichzelf voorhouden dat het tijdelijk was. “Ik zei constant tegen mezelf: nog even doorzetten, dan komt het wel weer goed. Maar hoe harder ik werkte, hoe verder ik mezelf kwijtraakte.”
Naderende burn-out
Het moment waarop alles kantelde, kwam onverwacht. Na een lange dag op werk werd Veroniques man opgenomen in het ziekenhuis met een blindedarmontsteking. “Dat moment zorgde er eigenlijk voor dat ik niet meer kon werken en thuis kwam te zitten om voor hem te zorgen.” Toch probeerde ze al snel weer aan de slag te gaan. “Na twee weken ben ik weer begonnen met tien uur werken vanuit huis.”
Haar lichaam gaf al snel signalen af dat het niet goed met haar ging. Ze verloor haar focus, vergat de simpelste dingen en voelde een constante onrust. “Ik dacht bij een burn-out aan iemand die opeens niets meer kan, die de hele dag op de bank ligt en niet meer vooruit te branden is. Ik was juist hyperactief en stond de hele dag ‘aan’.” Zelfs eenvoudige handelingen gingen mis. “Zo was ik de vaatwasser aan het uitruimen, maar liep ik ineens naar de wasmachine. Terwijl ik daarmee bezig was, vergat ik wat ik daarvoor aan het doen was en stopte ik mijn telefoon per ongeluk in de wasmachine. Ik was ontzettend chaotisch en had het overzicht niet meer.”
Mijn lichaam draaide overuren en ik schakelde mijn gevoel onbewust uit
Door die voortdurende chaos en het gebrek aan overzicht werd ook het thuiswerken lastig. “Ik vergat veel. Soms kon ik een geboortedatum van een patiënt niet eens onthouden zonder die eerst op te schrijven.” Daarnaast kreeg Veronique last van paniekaanvallen, iets wat volledig nieuw voor haar was. “Dat vond ik echt heel beangstigend. Ik durfde daardoor ook geen auto meer te rijden. Ik heb een paar keer hard op mijn rem moeten trappen, omdat ik de andere auto’s niet op tijd zag. Ik was een gevaar op de weg. Dat was het moment dat ik besefte dat ik in een burn-out was beland en dat er iets moest veranderen.”
Fel en kortaf
Voordat Veronique thuis kwam te zitten, merkten haar collega’s al dat het niet goed met haar ging, maar ze durfden dat niet tegen haar uit te spreken. “Ik was fel en reageerde regelmatig kortaf. Daarnaast werd er in de apotheeksector nauwelijks openlijk gesproken over stress- en burn-outklachten, terwijl er wel vaker collega’s uitvielen.” Ze vond het dan ook lastig om zich ziek te melden op het werk. “Er was een tekort aan apothekers, dus ik wist dat collega’s die extra druk moesten opvangen. Voor mij voelde dat als falen.”
Zelf had ze nooit gedacht dat ze in een burn-out zou belanden. “Ik dacht altijd: gewoon schouders eronder en doorgaan. Ook tijdens mijn herstel dacht ik dat hard werken ervoor zou zorgen dat ik me sneller beter zou voelen. Maar niets bleek minder waar.” Door haar burn-out moest ze leren vertragen, iets wat volledig tegen haar natuur inging. “Voor die tijd kon ik niet stilzitten; dat heb ik stap voor stap moeten leren.”
De tekst gaat hieronder verder.

Wieke (51) kreeg een burn-out. Of was het toch de overgang?
Alles mislukte
In die periode werd haar wereld steeds kleiner. “Mijn gevoel was dat ik weinig kon, omdat alles mislukte. Ik ben iemand die heel graag kookt en dat ook goed kan, maar tijdens mijn burn-out liet ik dingen voor het eerst aanbranden. Dat was zo confronterend. Dan denk je echt: wat gebeurt me nu?”
Ze vulde haar dagen met eenvoudige taken: wassen, strijken, honden uitlaten, boodschappen doen, een beetje tv kijken, puzzelen en kleuren. Alles ging in een traag tempo, alsof het leven een versnelling lager stond. De tuin werd een veilige plek waar ze tot rust kwam en minder last had van hoofdpijn. Om grip te houden, hield ze vast aan een vast ritme. “Ik was bang dat ik anders slaapproblemen zou krijgen.”
Van burn-out naar depressie
Maar zelfs rust zorgde niet voor voldoende verbetering. “In overleg met de arbo-arts boekte ik een vakantie om tot rust te komen, maar ook daar kon ik nergens van genieten. Ik had een gelukkig huwelijk, twee gezonde kinderen, een goede baan en een fijn huis; alles waarvan je denkt dat het geluk brengt. En toch voelde ik me vanbinnen ongelukkig.” Niet veel later kwam ze bij een psycholoog terecht. “Vanuit mijn burn-out gleed ik door in een depressie. Ik was zo vermoeid dat ik nergens zin in had of toe in staat was. Alles kostte te veel energie en ik had weinig behoefte aan contact.” Een boek over depressie gaf haar uiteindelijk een belangrijk inzicht. “Daarin stond dat een depressie een soort reddingsmechanisme van je brein kan zijn: je lichaam dwingt je om stil te staan en te luisteren.”
Ik dacht bij een burn-out aan iemand die opeens niets meer kan, die de hele dag op de bank ligt en niet meer vooruit te branden is. Ik was juist hyperactief
In die periode werd haar schoonmoeder ernstig ziek. Ze overleed binnen korte tijd. In haar laatste fase verleende Veronique ook mantelzorg. “Dat kwam bovenop mijn eigen herstel. Het was heel heftig, omdat ik alle ballen hoog moest houden.” Toch voelde het zorgen voor haar schoonmoeder vanzelfsprekend en vertrouwd. “Dat zorgpak heb ik eigenlijk al van jongs af aan aangetrokken. Dat komt ook door hoe ik ben opgevoed. Ik was thuis altijd de verstandigste en ben al jong heel zelfstandig geworden. Daardoor heb ik geleerd om veel zelf op te lossen en niet snel iets uit handen te geven. Dat zit in mijn karakter, net als mijn beroepskeuze. Ik leg de lat hoog en ben niet snel tevreden.”
Gaandeweg leerde ze steeds beter rust te nemen en haar grenzen te herkennen. “Toen ik mezelf toestond om af en toe op de bank te liggen en mijn ogen dicht te doen, ging het iets beter. Maar dat mocht ik in het begin niet van mezelf. Het bleef aftasten: wat kan ik wel en wat kan ik niet? Als ik iets deed, had ik daar soms dagen last van. Dan was het eigenlijk te veel geweest. Alles werd een oefening in doseren, vallen en weer opstaan.”
Het roer om
Tijdens haar re-integratie merkte Veronique dat fulltime terugkeren in de apotheek niet meer haalbaar was. “Veel veranderingen in het vak vond ik niet prettig, zoals de toegenomen agressie richting apothekers en het niet meer kunnen leveren van geneesmiddelen.” Daarom begon ze – naast haar parttime werk in de apotheek – als zelfstandig stress- en burn-outcoach. “Achteraf denk ik dat mijn burn-out niet voor niets is geweest. Nu coach ik mensen met stress-, burn-out- en overgangsklachten en geef ik trainingen en nascholingen over deze onderwerpen, specifiek voor apothekers en apotheekteams.”
Je lichaam dwingt je om stil te staan en te luisteren
Ze merkt dat er in de farmaciesector nog weinig openlijk over burn-out wordt gesproken. “Ik stuit nog te vaak op onbegrip, mede door de angst voor herhaling en de druk van personeelstekorten. Veel klachten worden nog onderschat of verkeerd begrepen, terwijl er juist meer kennis en bewustwording nodig is.”
Haar ervaring heeft haar anders laten kijken naar het apothekersvak. “Veel jonge meiden kiezen niet meer voor dit beroep, dat is jammer. Daarnaast is de instroom van nieuw personeel heel laag. Ik hoorde dat er in het zuiden van het land maar één student was voor de opleiding tot apothekersassistent. Dat is veel te weinig voor een regio met zoveel apotheken.” Ze hoopt op verandering in de sector, al verwacht ze niet dat die snel komt. “Er moet aan veel knoppen tegelijk worden gedraaid: werkdruk, personeelstekorten, beloning en de rol van verzekeraars. Gelukkig zijn er nog jonge apothekersassistenten die het vak met hart en ziel doen, en ik hoop dat zij het vol kunnen houden.”
De tekst gaat hieronder verder.

Columnist Miloe over de druk van het vrouwbeeld: "Waarom wijzen we bij burn-outs naar mannen?"
Bewust pauzes
“Mijn burn-out heeft me ook positieve dingen gebracht. De stap om als zelfstandig ondernemer te beginnen had ik anders nooit durven zetten.” Ook buiten haar werk ging haar leven er anders uitzien. “Mijn familie is altijd belangrijk geweest, maar voor mijn burn-out had ik er weinig tijd en aandacht voor. Doordat ik minder ging werken, kon ik een jaar lang elke woensdag oppassen op mijn nichtje. Daardoor hebben we een hele speciale band opgebouwd. Dat is onbetaalbaar.”
Ik heb geleerd dat ik mijn zorgpak ook af en toe mag uittrekken
Ze neemt nu bewust pauzes, echt weg van de werkvloer. “Ik merk sneller wanneer de stress oploopt en weet beter mijn grenzen te bewaken. Als het te veel wordt, moet ik terugschakelen, afspraken afzeggen of mijn planning aanpassen.” Daarnaast leerde ze vaker hulp van anderen aan te nemen. “Ik heb geleerd dat ik mijn zorgpak ook af en toe mag uittrekken. Dat ik kan zeggen: het is even iemand anders’ beurt, ik doe een avond niets of laat iemand anders iets overnemen. Hulp vragen zit niet in mijn karakter. Je verwacht dat mensen het zien, maar zo werkt het niet. Je moet het echt uitspreken.”
Die ervaringen neemt ze mee in haar advies aan anderen. “Trek op tijd aan de bel, zoek hulp en praat erover met je omgeving. Luister naar de signalen van je lichaam, voordat je lichaam je dwingt stil te staan.”
Tekst: Femke Bouwens
Meest gelezen
- Bas: ‘Ik wil mijn vrouw veranderen, maar dat lukt helaas niet…’

Bas: ‘Ik wil mijn vrouw veranderen, maar dat lukt helaas niet…’
- Van kringloophoppen tot e-choppen – dit zijn de leukste uitjes voor tweede pinksterdag

Wil je weten
Van kringloophoppen tot e-choppen – dit zijn de leukste uitjes voor tweede pinksterdag
- De perfecte moeder zijn en nooit rimpels krijgen: aan déze idealen moeten vrouwen (onterecht) voldoen

Interview
De perfecte moeder zijn en nooit rimpels krijgen: aan déze idealen moeten vrouwen (onterecht) voldoen
Lees ook
- Foodfluencer Eva Koper: ‘In mijn puberteit telde ik de calorieën. Ik had veel meer kunnen genieten van lekker eten’

Foodfluencer Eva Koper: ‘In mijn puberteit telde ik de calorieën. Ik had veel meer kunnen genieten van lekker eten’
⭐Premium - Judith Zilversmit dook in het oorlogsverleden van haar vader: ‘Ik hem nog honderd vragen kunnen stellen'

Judith Zilversmit dook in het oorlogsverleden van haar vader: ‘Ik hem nog honderd vragen kunnen stellen'
⭐Premium - Eva Koper: ‘In mijn puberteit telde ik de calorieën. Ik had veel meer kunnen genieten van lekker eten’

Eva Koper: ‘In mijn puberteit telde ik de calorieën. Ik had veel meer kunnen genieten van lekker eten’
⭐Premium