
Elles verloor haar moeder na tien jaar kanker: ‘Ze heeft zo lang voor ons gevochten’
Het laatste woord
Leestijd: 7 minDoor Esther Tims-Van Helden
Lees gratis verder
Meld je nu aan en krijg 3 maanden gratis onbeperkt toegang tot alle artikelen en digitale magazines van Visie.
Lees gratis verder
Meld je nu aan en krijg 3 maanden gratis onbeperkt toegang tot alle artikelen en digitale magazines van Visie.
Elles de Boer (57) was nog een kind toen haar moeder borstkanker kreeg. Tien jaar lang leefde ze tussen hoop en vrees, tot ze haar in 1988 toch aan de ziekte verloor. Elles koestert nog altijd haar moeders laatste woorden, die ze met zich meedraagt als een levenslange opdracht.
Het laatste woord
Elles: “We waren met z’n vieren thuis: mijn vader, mijn moeder, mijn zusje en ik. Een warm en gezellig gezin.” Ook het dorpse leven in hun woonplaats Bunschoten herinnert ze zich als hecht. “Mijn familie van vaders- én moederskant komt daar vandaan; iedereen kende elkaar. We speelden veel buiten. Het was een heerlijke tijd.”
Een uitgesproken persoonlijkheid
Als ze terugdenkt aan haar moeder is ‘aanpakker’ het eerste dat in Elles hoofd opkomt. “Ze was zorgzaam en sociaal, hielp overal: in de kerk, op school, in de buurt. Dan stond ze weer met veel energie oliebollen te bakken voor een kerkmarkt. Ze sprong overal bij.”
Soms sloeg haar enthousiasme ook door, herinnert Elles zich. “Dan reed ze door de polder, zag een bordje ‘geitjes te koop’ en nam er gewoon een paar mee naar huis. Ze timmerde er zelfs een hok bij. Tot de geitjes ’s nachts zo blèrden dat de hele buurt wakker lag. De volgende ochtend had ze de beesten in alle vroegte alweer teruggebracht.”
Dat impulsieve had ze wel vaker. Volgens Elles kon ze tijdens het middageten zomaar ineens voorstellen om samen op reis te gaan, bijvoorbeeld naar Denemarken, en dan gebeurde dat ook gewoon. Een paar uur later zaten we in de auto. Regelmatig wist ze daar ook nog familieleden in mee te slepen. Elles lacht: “Ja, ze was wel een uitgesproken persoonlijkheid.”
Haar vader was serieuzer van karakter. “Hij was echt een tegenpool van mijn moeder. Hij was veel met cijfertjes bezig en werkte eerst als boekhouder, later als leraar economie en daarna als makelaar.” Maar de combinatie met haar moeder klopte, vertelt ze. “Hij liet haar helemaal haar gang gaan. Ik denk dat hij er stiekem ook van genoot.”
De diagnose
In 1978 werd Elles’ moeder ziek. Elles was toen tien jaar, haar moeder pas dertig. De diagnose borstkanker sloeg in als een bom. “Het was vreselijk. De behandelingen waren ingrijpend: haar borst werd verwijderd, haar haar viel uit, later droeg ze een pruik. Het was één groot drama.”
Ze zei altijd gekscherend: ‘Ik ben de Hulk. Ik overleef dit. Het komt allemaal goed’
Haar moeder bleek een vechter. “Ze zei altijd gekscherend: ‘Ik ben de Hulk. Ik overleef dit. Het komt allemaal goed.’” Ze greep elke kans aan en probeerde van alles, onder meer allerlei diëten. En ondertussen bleef ze er voor haar kinderen, zo lang ze kon. “We hebben nog veel leuke dingen gedaan, vakanties ook. Ze probeerde zoveel mogelijk met ons te ondernemen.”
Het ging een tijdlang goed, tot de ziekte weer toesloeg. Controles volgden elkaar op en Elles wilde het liefst overal bij zijn. “Ik klampte me aan haar vast. Als ik maar bij haar was, dat was het enige dat ik wilde. Er was altijd die angst op de achtergrond om haar kwijt te raken.” Ziekenhuizen werden vertrouwd terrein. En als er tussen de controles door even ruimte kwam om te ademen, was er vooral opluchting: “Gelukkig. Ze is er weer.”
Snel volwassen worden
De omstandigheden maakten Elles tot een angstige tiener. Een angst die ze liever niet liet zien. “Ik besefte al jong dat je veilige thuis ineens kan wegvallen. Maar ik wist dat zij het zó erg vond als het met ons niet goed ging, daarom liet ik niet merken hoe ik me voelde.”
De omstandigheden dwongen Elles en haar zusje om al jong volwassen te worden. “Ik kookte macaroni, de makkelijke gerechten, en hielp in het huishouden.” Achteraf ziet ze hoe haar moeder dat had bedacht. “Ze bereidde ons bewust voor. Ze wilde dat we onszelf konden redden.” Dat zorgen ging Elles vanzelf af. “Dat is ons met de paplepel ingegoten. Maar het had ook een keerzijde. Het was best een zware last om met zulke dingen op jonge leeftijd bezig te zijn. Dat besef je als kind niet altijd, omdat je gewoon doorgaat. Maar vooral nu ik terugkijk, realiseer ik me dat.”
Geloof dat draagt
Het geloof liep als een rode draad door die spannende jaren heen. Elles groeide gereformeerd op; het gaf houvast, maar ook druk. “Mijn ouders drongen er altijd op aan dat je twee keer naar de kerk moest. Als ik ’s avonds niet meeging, voelde ik me de hele week schuldig.”
Thuis nam het geloof een centrale plaats in. “We baden elke dag en lazen uit de Bijbel. Ook als mijn moeder me naar bed bracht, baden we samen. Als moeder wilde ze haar dochters niet alleen praktisch voorbereiden op een eventueel naderend eind, maar vooral geestelijk. Ze wilde ons het geloof meegeven. Dat stond voor haar op één.”
Ook haar hoop legde ze bij God neer. “Toen ze ziek was, bad ze tot God: ik zou nog vijf jaar willen krijgen. En toen die voorbij waren, bad ze om nog eens vijf. Het bijzondere is dat ze die heeft gekregen. Ze heeft nog tien jaar na de diagnose geleefd.”
Als kind bad Elles zelf vurig om genezing voor haar moeder. “Dan dacht ik: hoe kan dat nou? Waarom wordt ze niet beter? U laat me toch niet zitten?” Toch bleef er vertrouwen. “Als wij God niet hadden gehad, waren we nooit zo goed door die periode gekomen. Ik kreeg toch steeds weer kracht om door te gaan.” Ze leerde wat haar moeder ook moest leren: “Op een gegeven moment moet je het loslaten en erop vertrouwen dat God zijn weg met ons verder gaat. Dat Hij voor ons zal zorgen.”
Die zondag
Toen de ziekte zo ver gevorderd was dat haar moeder de trap niet meer op kon, werd beneden een kamer omgebouwd tot slaapkamer. En toen kwam die zondag. Elles, haar vader en haar zusje gingen naar de kerk. “We kwamen thuis en ze zat ineens helemaal aangekleed beneden. Het gaf hoop. We dachten: mama gaat weer de goede kant op. Misschien gaat het toch niet zo slecht als we dachten.”
Toen ze ziek was, bad ze tot God: ik zou nog vijf jaar willen krijgen. En toen die voorbij waren, bad ze om nog eens vijf
Die middag ging Elles naar haar toenmalige vriendje. “Een half uur later werd ik gebeld: “Het is helemaal mis. De ambulance is gebeld. Je moet komen.’”
In het ziekenhuis bleek haar moeder een maagbloeding te hebben; de kanker had haar organen aangetast. “Ze is aan de gevolgen van de bloeding overleden.” Elles herinnert zich het moment bij de brancard nog levendig. “Ik stond daar, ze keek me aan. Die laatste blik vergeet ik nooit.”
De laatste woorden
Haar moeder zei nog één zin. “Zorg goed voor jezelf.” Elles: “Het is eigenlijk helemaal geen bijzondere zin. Maar die zin past helemaal bij wie ze was. Ze vond het moeilijk dat ze niet meer voor ons kon zorgen. Die zorgzaamheid was zo met haar verweven. En daarom zei ze: zorg goed voor jezelf.”
Die woorden komen nog steeds in haar gedachten terug, zegt Elles, soms op een heel gewoon moment. “Als ik ergens wandel, denk ik het soms ineens: zorg ik goed voor mezelf? Ik kan wel de neiging hebben om te veel te geven, dus dit helpt me.”
Na haar moeders overlijden ging Elles door. Ze bouwde een leven op, kreeg kinderen, later kleinkinderen. “Het is een ontzettend gemis dat je moeder er niet meer is bij die gebeurtenissen. Bij alles denk ik: ze had dit zo mooi gevonden.”
Toch slijt de scherpe pijn. “Het is nu 38 jaar geleden. Het is niet dat ik elke dag huil. Maar als ik erover praat, dan raakt het me weer. Het heeft me gevormd. Het zorgt er ook voor dat ik snel kan relativeren. Spullen, status, ik geef er niets om. Gezondheid is het belangrijkste.”
“Mijn moeder is niet weg,” besluit Elles. “Ze is bij God. En door mijn geloof ben ik met God verbonden en daardoor ook met haar.”
Auteurs

Meest gelezen
- Waarom hoogbegaafde christenen zich in de kerk soms een vreemde eend in de bijt voelen

Interview
Waarom hoogbegaafde christenen zich in de kerk soms een vreemde eend in de bijt voelen
- Stuur je vraag in: EO lanceert podcast 'Vraag het Jurjen' over geloof en alledaagse levensvragen

Luistertip
Stuur je vraag in: EO lanceert podcast 'Vraag het Jurjen' over geloof en alledaagse levensvragen
- 'We zullen altijd zielsveel van Yoran blijven houden’: de familie Krol over liefde na verlies

Interview
'We zullen altijd zielsveel van Yoran blijven houden’: de familie Krol over liefde na verlies
Lees ook
- Kees van Ekris over de zeven kruiswoorden en Pasen: 'God bestóókt ons met geluk'

Interview
Kees van Ekris over de zeven kruiswoorden en Pasen: 'God bestóókt ons met geluk'
⭐Premium - Anita Brand worstelde met suïcidale gedachten: 'Zonder God was ik er niet meer geweest'

Interview
Anita Brand worstelde met suïcidale gedachten: 'Zonder God was ik er niet meer geweest'
⭐Premium - Dit woord dat je nooit gebruikt gaat over de belangrijkste vraag van je leven: soteriologie.

Theologisch tussendoortje
Dit woord dat je nooit gebruikt gaat over de belangrijkste vraag van je leven: soteriologie.
⭐Premium