
Inge Bosscha brak met het geloof uit haar jeugd: ‘Ik was altijd bang om God teleur te stellen’
Levensverhaal
Leestijd: 11 min
In het grote, gereformeerde gezin waar Inge Bosscha (49) opgroeide, was het christelijk geloof het allerbelangrijkste. “Achteraf zie ik dat ik voortdurend in stress leefde.” Met het geloof uit haar jeugd heeft ze lang geleden gebroken. Ze geeft nu voorlichting over geloofsstress, kerkpijn en religieus trauma.
“‘Bidden, wassen, aankleden!’ Dat was de manier waarop wij ’s ochtends werden wakkergemaakt. In die volgorde. Eerst bidden. Bij iedere maaltijd ook. En Bijbellezen en danken. ’s Avonds voor het slapengaan weer op je knieën naast je bed. Ik bad weleens stiekem ín bed, maar als ik dan in slaap viel, voelde ik me schuldig. Geloof was het allerbelangrijkste thema bij ons thuis. Ik kom uit een groot gezin, we gingen nooit op vakantie en ik droeg tweedehands kleding. Als ik aan mijn ouders vroeg of we arm waren, was hun antwoord: ‘We zijn heel rijk, want we hebben tien kinderen en de Bijbel.’”
Gouden bril
“Het mensbeeld dat ik vanuit het geloof van mijn ouders meekreeg, was dat de mens in principe slecht is. Zonde en schuld speelden een cruciale rol in de geloofsbeleving bij ons thuis. Het was belangrijk om te bidden om vergeving van zonden, de bewuste én onbewuste. Want je bent sowieso schuldig, en altijd schuldiger dan je denkt. Althans, dat gevoel riep het bij mij op. Tegelijk ging dit ook met een soort blijdschap gepaard, want dankzij Jezus keek God door een gouden bril naar ons. Dat was ons grootste geluk.
Dat heb ik als kind ook zo ervaren. Ik had het gevoel dat ik bevoorrecht was, omdat ik ervan overtuigd was dat ik naar de hemel zou gaan. Al kon je dat ook zomaar weer verspelen. Ik kan me niet herinneren dat ik als kind heb getwijfeld. Twijfel was sowieso van de duivel. Wanneer dat de kop opstak, drukte ik het meteen weer weg. Als een buurmeisje zou zeggen dat we in een sprookje geloofde, zou ik niet gaan wankelen. Dat zou ik vooral heel erg voor háár vinden; wij hadden het immers het bij het rechte eind. Dat ik zo overtuigd was van ons gelijk, maakte me dankbaar voor dat ik in ‘het juiste gezin’ geboren was.
Iedereen had me alles aan kunnen praten, als het maar in lijn was met ‘onze leer’
Omdat er geen gereformeerde middelbare school bij ons in de buurt was, ging ik naar een reformatorische. Dat is ook een streng christelijke school, maar mijn klasgenoten geloofden bepaalde dingen anders dan bij ons thuis. Mijn uitgangspunt was dat zij het mis hadden. Ik heb een keer tegen een klasgenoot gezegd dat zij was misleid door de duivel, omdat zij de Bijbel anders uitlegde. Ze zei: ‘Dat geloof ik over jullie.’ Voor het eerst vroeg ik me af of ík misschien degene was die het mis had. Ik schrok van mijn eigen gedachte. Ik rende naar de wc om daar te bidden dat ‘die leugen’ snel weg mocht gaan.
Ik had van de dominee geleerd dat je eigen gedachten sowieso niet betrouwbaar zijn: zelfs je zintuigen konden je voor de gek houden. Ik nam dat klakkeloos van hem aan. Nu zie ik dat dit een ontzettend gevaarlijke stelling is. Het maakt je totaal weerloos. Iedereen had me alles aan kunnen praten, als het maar in lijn was met ‘onze leer’. Het gevolg van mijn moment van twijfel was dat ik me nóg steviger aan het geloof waar ik zo vertrouwd mee was vastklampte. Hier heb ik nog een aantal jaren in kunnen zwelgen.”
Verliefd, verloofd, gescheiden
“Op mijn vijftiende kreeg ik verkering. Uiteraard met een jongen uit dezelfde zuil als ik. Omdat we vanwege ons geloof geen seks mochten hebben voor het huwelijk, trouwden we net als veel leeftijdsgenoten jong. Ik was pas twintig. Het was geen goed huwelijk. Ik werd fysiek mishandeld, maar durfde dat met niemand te delen. Ik schaamde me ervoor. Tegelijk was ik ervan overtuigd dat mijn man me uit liefde sloeg. En dat dat niet gek was, omdat ik een slechte vrouw was. Ik had totaal geen besef van eigenwaarde of van wie ik was.
Toen ik kort na onze bruiloft zwanger raakte, realiseerde me opeens: dit is geen veilige omgeving voor een kindje. De zwangerschap maakte iets in mij wakker. Mijn instinct vertelde me dat ik moest maken dat ik wegkwam. Ik ging naar een opvanghuis voor zwangere vrouwen. Naast opluchting was er vooral enorme schaamte. Mijn ouders steunden me, maar ik moest de kerkenraad – de mannen die het bestuur vormden van de kerk – ervan overtuigen dat ik bij mijn man weg wilde en dat ik daar goede redenen voor had.
De tekst gaat hieronder verder.

Elines zus zit in een sekte: ‘We rouwen om haar terwijl ze nog leeft’
Volgens de kerkenraad was mijn situatie niet erg genoeg. Mijn ouders, die mij eerst steunden, gingen mee in deze uitspraak, want ‘de kerkenraad had altijd gelijk’. Bij nader inzien vonden ze dan ook dat ik toch terug moest naar de man die mij fysiek mishandelde. Bíjna deed ik dat ook. Ik had mijn tas al gepakt. Maar toen kwam er het besef dat ik niet afhankelijk wilde zijn van de grillen van een ander. Waarom bepaalden anderen hoe ik mijn leven moest inrichten? Ik wilde echt scheiden.
Dit besluit was niet eenvoudig, het maakte me heel angstig. Nu ik dit pad insloeg, was ik op een ‘zondige weg’ terecht gekomen. Ik was ervan overtuigd dat ik nu onderweg was naar de hel en dat ik mijn ongeboren kindje daarin meetrok. Zo werd ik ook behandeld door de kerk. Ik werd onder de tucht gezet. Dat hield onder andere in dat ik niet meer mocht deelnemen aan het avondmaal en dat ik mijn kindje ook niet mocht laten dopen. In deze periode kwamen de eerste echte barsten in mijn denken.”
Een nieuw begin
“Toen mijn zoon was geboren, verhuisden we naar een andere plek. Daar kon ik opnieuw beginnen. Ik kreeg een nieuwe relatie en ging weer naar de kerk, al hadden de twijfels over het geloof wel postgevat. In mijn nieuwe woonplaats ging ik regelmatig naar een evangelische gemeente, daar was de sfeer wat losser en de leer wat minder stellig. Ik overwoog om daar lid te worden, maar dan was de voorwaarde dat ik me als volwassene zou laten dopen. Opnieuw een kerk die mij iets oplegde. Dat wilde ik niet.
Ik werd fysiek mishandeld, maar durfde dat met niemand te delen
Een paar jaar heb ik naar een kerk gezocht waar de stelligheid niet was, maar ik vond hem niet. Ik begon me af te vragen waarom ik mezelf deze zoektocht aandeed. Van wie moet ik eigenlijk elke week naar de kerk? Ik liep overal tegen andere regels aan. Daarnaast ben ik ook nog eens extreem gevoelig voor prikkels; elke keer als ik naar de kerk ging, kostte dat me best veel. Ik besloot niet langer op zoek te gaan, dan maar geen kerk.
Ik ervoer veel angst door alle regels waar ik mee opgevoed was. Ik was bang dat ik mijn kinderen de ‘verkeerde’ levensbeschouwing mee zou geven. Zo was mijn systeem geprogrammeerd: er was maar één ware weg. En ik was daar koortsachtig naar op zoek. Ondertussen las ik steeds meer boeken over andere godsbeelden, dit werkte heel ontgiftend voor mij. Langzaam maar zeker kwam ik tot het besef dat ik er nooit achter zou komen hoe het precies zit. Dat was bevrijdend en beangstigend tegelijkertijd. De overtuigingen die me met de paplepel waren ingegoten zaten zó diep geworteld! Het heeft veel tijd gekost om mijn religieuze angst kwijt te raken en er vrede mee te sluiten dat ik het allemaal niet zeker hoef te weten.”
Voortdurende stress
“Het mooie aan mijn strenggelovige opvoeding vind ik dat het me heeft geleerd om altijd verder te kijken dan wat je aan de buitenkant ziet. Om door te vragen naar iemands diepste intenties. Ik ben opgegroeid met het besef van een onzichtbare wereld, en dat besef zit er nog steeds.
Daarnaast denk ik dat het geloof mij ook schade heeft toegebracht. Ik blaak niet van het zelfvertrouwen en heb moeite met gezien worden. Ik voelde me vroeger gezien en geliefd door God, ik hield ook echt heel veel van Hem. Maar alles wat ik zei of dacht was ‘bevlekt met zonde’. Hij zag dat allemaal. Ik kon het eigenlijk nooit goed doen. Als ik dacht dat dat wel kon, dan was dat hoogmoed. En dat was ook een zonde. Ik was een religieus geobsedeerd kind, bang om God teleur te stellen. Dat ik God voortdurend verdriet deed, voelde als chronisch falen.
Mijn ouders en ik hebben behoorlijk in de clinch gelegen
Achteraf zie ik dat ik voortdurend in stress leefde. Ik denk dat daar nog steeds een trauma zit. Als ik nu een lezing of iets dergelijks moet geven, als ik in de spotlights sta, zichtbaar ben, voel ik in mijn lijf een soort paniekreactie en heb ik de neiging om te vluchten.”
Het eeuwige leven
“Lange tijd heeft mijn zoektocht voor verwijdering gezorgd tussen mij en mijn ouders. We hebben behoorlijk in de clinch gelegen. Zij probeerden mij te overtuigen om weer terug op ‘het juiste pad’ te komen door me preken te sturen. Ik stuurde hen op mijn beurt lange mails met als doel hen tot andere inzichten te brengen. Voorzichtig kwam het besef dat de enige manier waarop we het goed met elkaar zouden kunnen hebben, was om elkaar te accepteren zoals we zijn.
De tekst gaat hieronder verder.

Columnist Miloe over de druk van het vrouwbeeld: "Waarom wijzen we bij burn-outs naar mannen?"
Het was geen makkelijke weg om daar te komen. Mijn ouders hebben het er heel moeilijk mee gehad. Ik herinner me dat mijn moeder een keer tegen me zei: ‘Ik had liever gehad dat je dood was in plaats van dat je niet meer gelooft. Dan wist ik tenminste dat je naar de hemel was en dat je ziel veilig was.’ Dat was heel erg pijnlijk om te horen. Maar nu weet ik: daarachter zat juist iets gunnends; ze gunt me het eeuwige leven zoals zij daarin gelooft. Daar zou ze best het verdriet van mijn dood voor willen dragen, als ik maar veilig ben. Ik zie mijn ouders nu vooral als twee liefdevolle, betrokken mensen die echt van me houden. Ik heb er vrede mee gesloten dat ik de manier waarop ik in het leven sta niet met hen kan delen. Dat geeft rust.”
Online platform
“Omdat ik de behoefte voelde om iets van mijn verhaal met anderen te delen, schreef ik stukjes op Facebook over mijn proces. Ik kreeg veel reacties van mensen, vaak ook onbekenden, die het een verademing vonden dat ik hiermee naar buiten kwam. Veel mensen die iets dergelijks hebben meegemaakt, kunnen hier met bijna niemand over praten. Mijn verhaal gaf zoveel herkenning. Ik besloot een website te maken waar ze hun verhaal kwijt kunnen.
De doelgroep was in de eerste instantie kerkverlaters, maar er kwamen ook kerkgangers en ‘grensgangers’ op af. Dat kunnen namelijk net zo goed mensen met geloofsstress en kerkpijn zijn. Er blijken werkelijk duizenden mensen te zijn die dit op wat voor manier dan ook zo ervaren. Ook mensen die het fijn hebben binnen hun kerkelijke gemeente en geen plannen hebben om te vertrekken.
Een religieuze opvoeding kan ongewild en onbedoeld een negatieve impact hebben
Een religieuze opvoeding kan ongewild en onbedoeld een negatieve impact hebben. Veel mensen die de kerk verlaten, ervaren geen ruimte voor hun eigen proces, hun pijn en hun frustraties als die er zijn. Als je daar niet over kunt praten, kan dat erg eenzaam voelen. Ik pleit voor ruimte om het er met elkaar over te kunnen hebben. Zonder oordeel, maar vanuit nieuwsgierigheid naar de ander.
Geestelijk en emotioneel vrij
Ik heb er veel therapie voor nodig gehad om te zijn waar ik nu ben. Ik had geen enkel benul van mijn innerlijke wereld. Ik heb pas op latere leeftijd geleerd dat mijn emoties ertoe doen en om daarnaar te luisteren. Als kind ervoer ik hier nul ruimte voor. Nu voel ik me geestelijk en emotioneel helemaal vrij van mijn christelijke opvoeding en heb ik mijn eigen weg gevonden.
Ik denk wel dat God bestaat, of in ieder geval dat er ‘iets’ is, iets dat groter is dan wij, alleen dan zonder dat hele verhaal van zonde en schuld. Maar misschien is dat alleen maar een restant van mijn opvoeding, wie zal het zeggen? Vroeger begon ik mijn dag met gebed. Nu begin ik de dag nog steeds heel bewust. ’s Morgens als ik wakker word denk ik altijd: zeg ik ja of nee tegen deze dag? Het is bijna altijd ja.”
Dogmavrij
Tekst: Francien van der Valk
Beeld: Carla Heijstek - Bosscha
Meest gelezen
- Inpakproof: op deze manier hoef je slechts 9 kledingitems mee in je koffer

Inpakproof: op deze manier hoef je slechts 9 kledingitems mee in je koffer
- Dit zijn de ex-gedetineerden uit het nieuwe seizoen van ‘Hel of hotel’

Dit zijn de ex-gedetineerden uit het nieuwe seizoen van ‘Hel of hotel’
- Van hangmat tot treincoupé: 7 zomerse boeken die overal lekker lezen

Van hangmat tot treincoupé: 7 zomerse boeken die overal lekker lezen
Lees ook
- Columnist Miloe over de druk van het vrouwbeeld: "Waarom wijzen we bij burn-outs naar mannen?"

Columnist Miloe over de druk van het vrouwbeeld: "Waarom wijzen we bij burn-outs naar mannen?"
⭐Premium - Dit is de betekenis van Hemelvaart en Pinksteren: 'Vreugde en liefde, daar gaat het om'

Dit is de betekenis van Hemelvaart en Pinksteren: 'Vreugde en liefde, daar gaat het om'
⭐Premium - Elines zus zit in een sekte: ‘We rouwen om haar terwijl ze nog leeft’

Elines zus zit in een sekte: ‘We rouwen om haar terwijl ze nog leeft’
⭐Premium