
Doorzetten of loslaten: hoe weet je waar je goed aan doet?
Wil je weten
Leestijd: 13 minDoor Christianne Scholtens
Elke zondagavond heb je buikpijn. Morgen is het maandag en móét je weer. Maar stoppen met je baan? Echt niet. Er moet toch brood op de plank komen. Of misschien hebben jij en je partner alle relatietherapieën op de wereld al geprobeerd, maar blijven jullie maar ruziemaken. Wat is dan het juiste om te doen? Doorzetten of loslaten? Eva-redacteur Christianne Scholtens gaat op zoek naar antwoorden.
Na de verhuizing. Dan zou ik me weer beter gaan voelen. De hele kerstvakantie stond in het teken van inpakken, verven, lijstjes maken, spullen verplaatsen, uitpakken, opruimen. En huilen. Heel veel huilen. De eerste dag na de vakantie plofte ik ’s ochtends op mijn bureaustoel. “Hoe gaat het?”, vroeg mijn collega. En daar begon het huilen weer. Alles in mij wilde doorzetten, aan het werk, maar het ging niet meer.
In dit geval was het haarscherp: stoppen was de juiste weg. Maar in de meeste gevallen is die keuze veel troebeler. Je haalt geen plezier meer uit je baan – maar werken hoeft niet altijd leuk te zijn, toch? Je huwelijk is niet slecht, maar eigenlijk ben je liever met je vriendinnen dan met je partner. Je neemt steeds meer zorg voor je moeder op je, ten koste van de tijd met je kinderen. Je zou dolgraag verhuizen, maar dat haalt zo veel overhoop. Je blijft loyaal aan een vriendin, ook al laat zij nooit als eerste wat van zich horen. Moet je toch maar gewoon door blijven zetten of kun je beter op zoek naar een andere weg?
Het begint bij omarmen van hoe het nu is
Onarmen hoe het nu is
“Mijn boek begint met de vraag: hoe zou het zijn als je zou leven naar hoe het werkelijk is, in plaats van hoe je zou willen dat het is?” Ik zit met psycholoog Roos Woltering in haar werkkamer in Utrecht. Onlangs verscheen haar boek Vastpakken is het nieuwe loslaten, waarin ze onderzoekt waarom het soms niet lukt om los te komen van oude patronen, pijnlijke ervaringen of ingewikkelde relaties. “Het begint altijd bij omarmen van hoe het nu is. We willen als mensen vaak snelle oplossingen voor de dingen waar we last van hebben. Daar willen we van weg bewegen. Maar ik ben ervan overtuigd dat we eerst moeten erkennen: zo is het nu blijkbaar. Daar met een compassievolle blik naar kijken helpt om er vervolgens beweging en ruimte in te brengen.”
Dus als je elke zondagavond buikpijn hebt? “Dan is het in de eerste plaats belangrijk om te onderzoeken waar die buikpijn over gaat. Sta erbij stil en voel wat die buikpijn je te zeggen heeft. Dat kan namelijk over heel veel verschillende dingen gaan. Misschien merk je dat je geen voldoening uit je baan haalt. Of dat het niet eens over je werk gaat, maar dat het te veel is met alle andere dingen in je leven. Of het kan zo simpel zijn als gek worden van een kantoortuin. Of misschien moet je heel erg op je tenen lopen en blijkt een deel van jou dat gewoon echt spannend te vinden.”
Dat hoef je dan niet gelijk op te lossen. “Kijk eerst maar eens met mildheid naar jezelf en de situatie. Alleen al door die erkenning is de kans groot dat de buikpijn wat afneemt. En daarna komt er ruimte om na te denken: wat wil ik daar dan mee? Kan ik daar wat mee? Wat heeft die buikpijn eigenlijk nodig?” Dat kan volgens Roos betekenen dat je ergens mee gaat stoppen. “Maar het kan ook zijn dat je andere afwegingen maakt. Misschien heb je een heel leuk huis met een hoge hypotheek, maar is dat het waard voor jou om in een baan te zitten die je niet leuk vindt. Of kun je met je leidinggevende in gesprek gaan over de werkdruk en op zoek naar een invulling van je werk die wel werkt. Of misschien blijkt dat er oude stukken in jou geraakt worden – stukken die gaan over gezien worden, presteren of de angst om door de mand te vallen – en heb je wat werk te doen vanbinnen met het kleine meisje in jou. Het is echt boeiend om te zien en te onderzoeken wat er allemaal speelt, en wat dat je kost en oplevert.”
Te makkelijk stoppen
Zijn we niet ook te makkelijk geworden met stoppen als iets ons niet aanstaat? In onze seculiere maatschappij is kiezen voor jezelf een groot goed geworden. Maar leren we onze kinderen nog om door te zetten? Kunnen we nog ergens bij blijven, ook als het niet leuk is? “Ik denk dat heel veel mensen uit vorige generaties hebben geleerd om door te zetten, zonder aan te kijken wat er niet goed was”, erkent Roos. “Om niet te klagen en hard te werken. Dat is misschien in de jongere generatie minder zo, maar ik zie daar juist weer veel meer perfectionisme en proberen aan verwachtingen te voldoen. Kijk alleen al naar het aantal mensen met een burn-out. Dat zijn over het algemeen geen mensen die makkelijk opgeven. Dat zijn juist mensen die denken: het water staat me aan de lippen, maar ik kan nog nét iets hoger op mijn tenen staan en dan hou ik het toch nog wel even vol.”
Ook in relaties is het volgens Roos niet zo zwart-wit. “Vroeger was het niet geaccepteerd om uit elkaar te gaan. En ergens denk ik dat als je niet de optie hebt om uit elkaar te gaan, je misschien wel meer geneigd bent om te zoeken naar manieren hoe je je relatie werkend kunt krijgen. Tegelijk waren er vroeger heel veel huwelijken waarvan het nu heel fijn is dat we er niet in hoeven te blijven. Niet alleen voor die twee mensen, maar ook voor de kinderen. In mijn praktijk zie ik net zo vaak mensen die als kind last hadden van de negatieve sfeer en de ruzies en het vreemdgaan, ook al bleven hun ouders bij elkaar, als mensen die last hadden van de scheiding van hun ouders.”
In haar boek schrijft Roos over een ingewikkelde periode in haar eigen relatie. Toen ze de werkelijkheid durfde te zien voor wat die was, besefte ze: als het zo doorgaat, ga ik weg. Toch is ze nu, jaren later, nog steeds samen met haar man. “Toen ik eindelijk echt eerlijk tegen mezelf was, ontdekte ik dat ik de overtuiging had: als je kinderen hebt, ga je niet uit elkaar. Weggaan was gewoon geen optie in mijn hoofd. Daarom was de enige optie dat hij zou veranderen. Als hij werd wie ik wilde dat hij was, dan kon ik blijven. Maar dat legde een enorme claim op de relatie, ik maakte mijn man verantwoordelijk voor mijn geluk. Op het moment dat ik besefte dat ik een keuze had, kwam er rust over me. Vanaf toen werd het veel makkelijker om met een liefdevolle, compassievolle blik naar hem te kijken. Ik begon langzaam maar zeker veel minder druk op hem te leggen om mij gelukkig te maken. En daardoor kon ik weer zien hoeveel er eigenlijk oké aan hem was.”

Overal ‘ja’ op zeggen om ruzie te vermijden, en pleasen om te overleven. Wat is fawning?
Impulsieve keuzes
Volgens Roos is het belangrijk dat je verantwoordelijkheid neemt voor jezelf. “Mensen laten van alles oplopen, gaan over hun grenzen, spreken dingen niet uit – en op een gegeven moment is de emmer zo vol, dat de oplossing is: ik zoek een andere baan, of: ik ga weg bij mijn partner. Dan beginnen ze bij die volgende baan en in die volgende relatie met een lege emmer, maar dat is een doekje voor het bloeden. Als je niet met jezelf aan de slag gaat, kom je in een volgende relatie, baan of studie weer precies hetzelfde van jezelf tegen. Je eigen patronen reizen altijd met je mee, tot je ermee aan de slag gaat.”
Volgens Roos is het vooral belangrijk om je bewust te worden van je acties en drijfveren. “Wat maakt nou dat je bepaalde keuzes wel of niet maakt? Herken je dit van hoe je opgevoed bent? Hoe zou je willen dat het was? Wat zou je nodig hebben om het anders te durven doen?” Daarbij helpt het vaak om het er met andere mensen over te hebben. “We zitten als mens vaak heel tegenstrijdig in elkaar. We kunnen delen in onszelf hebben met totaal verschillende doelen en wensen. Het helpt heel erg om die delen los van elkaar te zien en te onderzoeken wat ze je te vertellen hebben. Dan kun je ook weer bewuste keuzes maken.”
Je eigen patronen reizen altijd met je mee, tot je ermee aan de slag gaat.
Doorzettingsvermogen
De Amerikaanse hoogleraar psychologie Angela Duckworth doet al jaren onderzoek naar doorzettingsvermogen. Ze definieert dat als ‘de passie en volharding die nodig zijn voor een langetermijndoel’. Het gaat daarbij niet om jezelf kapotwerken, maar trouw blijven aan een doel dat nog steeds waarde voor je heeft. Uit haar studies blijkt: de bereidheid om door te zetten tot het eind, in plaats van vroegtijdig op te geven, is kenmerkend voor succesvolle mensen. ‘Bovendien’, schrijft ze in een column, ‘gaat doorzettingsvermogen hand in hand met zowel levensvoldoening als emoties zoals vreugde en trots. Het lijkt er dus op dat niet opgeven over het algemeen een goede manier is om te leven.’ Volgens haar haken mensen veel te snel af zodra iets ongemakkelijk of ingewikkeld wordt.
Toch erkent ze in datzelfde stuk dat blinde volharding ook tot slechte situaties kan leiden. Haar advies als het om stoppen gaat? Wees trouw aan je hogere, overkoepelende doelen, maar niet per se aan de route ernaartoe. Als een van je hogere doelen is: betekenisvol werk doen, dan is je huidige baan één van de mogelijke routes daarnaartoe. Maar het kan zijn dat die baan je hogere doel niet meer dient. Laat het dan los, aldus Duckworth.
Doodeng én bevrijdend
Terwijl ik bezig ben met dit onderwerp, moet ik denken aan zanger en gitarist Hanne de Vries (42). Meer dan twintig jaar was hij actief in de christelijke muziekwereld. Als aanbiddingsleider stond hij op de grootste christelijke podia. Zo’n vier jaar geleden besloot hij daarmee te stoppen. Ik ben benieuwd hoe dat proces voor hem was.
“Doodeng”, geeft Hanne meteen toe wanneer ik hem spreek. “Én heel bevrijdend. Ik werd heen en weer geslingerd tussen die gevoelens. Het ene moment vond ik het heerlijk, om vervolgens weer huilend op de fiets te zitten. Ik ging echt door een rouwproces, want het betrof zo veel in mijn leven: mijn inkomen, netwerk, geloof, dromen. Ik had geen diploma, want ik ging na de middelbare school gelijk fulltime de muziek in. Dus het was superspannend.”
Zijn beslissing ging niet bepaald over één nacht ijs. “Het voelde destijds echt als een roeping van God om aanbiddingsleider te worden. Het was een perfecte match met wie ik was als persoon, mijn karakter, mijn talenten. Jarenlang heb ik dat met heel veel passie en plezier gedaan, het was echt superleuk.”
Twijfels
Wanneer Hanne halverwege de twintig is, komen de eerste twijfels op. “Ik las een verhaal over iemand die uit de kast was gekomen en vervolgens helemaal werd afgewezen door de kerk – hij werd eigenlijk verstoten. Dat verhaal raakte me. Ik vond het heel onrechtvaardig en begreep er niks van. Je kunt van alles geloven en vinden, maar als dit het resultaat is… Dat vond ik heel erg antichristelijk, anti-Jezus ook – Hij ging juist naar de mensen die er volgens de religieuze norm van die tijd niet bij hoorden. Dat was voor mij een eerste moment dat ik dacht: o, dit vind ik wel ingewikkeld aan deze wereld.”
In de jaren die volgen, loopt Hanne tegen steeds meer dingen aan in de kerk en in zijn rol als aanbiddingsleider. “Begin 2014 worstelde ik met sombere gevoelens. Ik wist niet goed meer wat ik aan het doen was. Mijn geloofsbeleving en overtuigingen waren aan het veranderen, maar ik zat midden in de evangelische wereld, met vrij strakke geloofskaders. Ik voelde niet de ruimte om echt mezelf te zijn, met mijn schaduwkanten, onzekerheden, worstelingen. Iedereen zag mij als die geweldige, gepassioneerde, christelijke jongen, een voorbeeldfiguur. Dat was heel eenzaam. Ik kreeg de behoefte om overal mee te stoppen.”
Ik wist niet hoe ik het écht moest loslaten, dat vond ik veel te spannend
Tóch doorgaan
Hanne besluit voor drie maanden naar Engeland te gaan om een Bijbelschool voor aanbiddingsleiders te volgen. “Ik belde naar alle grote evenementen waar ik me aan verbonden had, en zei: ik stop, ik weet niet of ik terugkom. Het was goed om alles los te laten, maar tegelijk kwam ik in een context waarin aanbidding heel belangrijk was en iedereen weer bevestigde dat ik daarvoor geroepen was. Daardoor ging ik er vervolgens, ondanks mijn twijfels, weer extra hard in.”
Achteraf ziet Hanne dat angst daarin een belangrijke rol speelde. “Ik zei wel dat ik alles had losgelaten, maar in mijn achterhoofd wist ik dat de kans best groot was dat ik gewoon weer terug zou komen. Ik wist niet hoe ik het écht moest loslaten, dat vond ik veel te spannend.”
Toch zijn Hannes twijfels niet voorbij en hij blijft zoeken naar antwoorden over God, Jezus en de Bijbel. “Op een gegeven moment heb ik theologische afslagen genomen die wel heel ingewikkeld en onverenigbaar waren met de evangelische context. Ik voelde: als ik daar eerlijk over ben, is het klaar. Ik ben ook een people pleaser en vermijd het liefst conflicten, dus ik voelde geen ruimte om over te brengen wat ik echt geloofde. Zo kwam het steeds meer op spanning te staan in mezelf. Ik zat echt in de knoop.”
De druppel
Het moment dat hij besluit om definitief te stoppen als aanbiddingsleider, weet Hanne nog goed. “Er waren al conflicten ontstaan met organisaties waar ik me aan verbonden had, conflicten die gingen over de theologie en cultuur. Maar op een gegeven moment gebeurde dat ook in mijn eigen team. Toen kwam de realisatie: dit gaat niet meer. Ik kan en wil geen onderdeel meer zijn van de evangelische wereld.”
Wat volgt, is een “heftige tijd”. “Ik verloor vrienden, zat thuis zonder werk, was echt aan het rouwen. In het begin dacht ik: heb ik hier nou een groot deel van mijn leven aan verspild? Wat als ik andere keuzes had gemaakt, hoe was mijn leven dan geweest? Die vragen leidden nergens toe, maar dat hoorde bij het rouwproces. Bij God voelde ik alle ruimte daarvoor. Ik kon alles zeggen en denken en voelen. Inmiddels kijk ik er heel positief op terug. Ik heb ontzettend veel mooie momenten meegemaakt met al die mensen en met God.”
Na twee jaar in de ICT gewerkt te hebben, is Hanne nu werkzaam als coördinator van de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Ook maakt hij nog steeds muziek. “Iets betekenen voor een ander zit echt in mijn DNA. Dat kon ik doen in mijn rol als aanbiddingsleider, maar ook weer in dit werk. Dat spreekt mij heel erg aan en is voor mij ook Jezus volgen. Doen wat je gelooft.”
We kiezen liever voor bekende ellende dan voor onbekend geluk
De rivier
Volgens Roos is er vaak meer moed nodig voor stoppen dan voor blijven aanmodderen. “Ik zeg vaak: we kiezen vaak liever voor bekende ellende dan voor onbekend geluk. Als je iets loslaat, weet je niet wat ervoor terug gaat komen. Liever houden we de controle, ik zelf ook. Maar controle is vermomde angst. Dus op momenten dat je de behoefte voelt om dingen te controleren, kun je jezelf ook de vraag stellen: waar ben ik bang voor? En durf ik me over te geven aan het onbekende, in plaats van alles krampachtig onder controle te houden? Daarmee groeit ons basisvertrouwen: de rivier zal zijn weg altijd weer vinden.”
Tekst: Christianne Scholtens
Beeld: Caroline Cracco
Auteurs

Meest gelezen
- Bas: ‘Geef je om de aarde? Krijg dan júist kinderen’

Column
Bas: ‘Geef je om de aarde? Krijg dan júist kinderen’
- Sanne Akkerman: ‘Ik denk niet dat ik ooit van mijn ziektevrees afkom’

Interview
Sanne Akkerman: ‘Ik denk niet dat ik ooit van mijn ziektevrees afkom’
- David de Vos: ‘De dromen die ik vroeger najaagde heb ik los moeten laten’

David de Vos: ‘De dromen die ik vroeger najaagde heb ik los moeten laten’
Lees ook
- 'Het duurde zes maanden voordat deze arts weer zelfstandig durfde te opereren'

Gezondheid
'Het duurde zes maanden voordat deze arts weer zelfstandig durfde te opereren'
⭐Premium - Geen puf, geen plek, geen privacy? Zo wordt jouw zomer tóch zwoel

Geen puf, geen plek, geen privacy? Zo wordt jouw zomer tóch zwoel
⭐Premium - Imke ontwerpt bouwrituelen: ‘Ieder gebouw heeft verhalen’

Imke ontwerpt bouwrituelen: ‘Ieder gebouw heeft verhalen’
⭐Premium